Beluister en zing mee

Psalm 33

Speel de melodie.

Psalm 33 - Ritmisch langzaam
Andere audio
Ritmisch
Iso-ritmisch
Audiobestanden en bladmuziek

Ondersteunende bestanden

Download ondersteunende audio en bladmuziek.

Psalm 33

  • Psalmvergelijker

    Vergelijk de Klassiek Eigentijdse Psalmberijming met andere berijmingen of met de onberijmde psalmen:

    Eerste vergelijking
    Tweede vergelijking (optie)

Voor het vergelijken van hele psalmen in verschillende berijmingen adviseren wij je om de desktopversie van onze website te gebruiken.

Klassiek Eigentijdse Psalmberijming(KEP)

Ga naar vers

Berijming 1773

Ga naar vers

Ga naar vers

Klassiek Eigentijdse Psalmberijming (KEP)

  • 1.
    Zing vrolijk, zing een lied naar boven,
    rechtvaardigen, juich voor de Heer’,
    blijf Hem, verheugd, van harte loven,
    oprechten, zing Zijn naam ter eer!
    Laat de citers, luiten,
    harpen, lieren, fluiten
    spelen, meer en meer.
    Laat de stemmen klinken,
    laat de snaren zingen,
    lof aan God, de Heer'!
  • 2.
    Laat woorden, vol van overgave,
    en laat muziek, vol harmonie,
    dit nieuwe lied naar boven dragen
    op onze mooiste melodie.
    God is goed, rechtvaardig,
    Hij vervult de aarde
    met Zijn gunst en recht.
    God is trouw gebleken,
    en Zijn woord is zeker:
    Hij doet, wat Hij zegt.
  • 3.
    Het was Zijn woord, dat in het donker
    de hemelboog tevoorschijn riep.
    Zijn adem liet de sterren vonken,
    het was Zijn Geest die alles schiep.
    Water, in de grote
    oceaan omsloten,
    stelde Hij een grens.
    Laat de hele wereld
    vrezen en Hem eren,
    ieder levend mens.
  • 4.
    Want God hoeft maar een woord te spreken
    en wat Hij zegt, ontstaat meteen.
    Wat Hij beveelt, zal niet ontbreken,
    Hij wekt het door Zijn wil alleen.
    Als een volk in zaken
    zelf beleid wil maken,
    – hand in eigen lot –
    laat Hij dat mislukken,
    breekt hun plan in stukken,
    Hij alleen is God.
  • 5.
    Zijn hoog beleid is onweerstaanbaar,
    Hij blijft bij wat Hij heeft bedacht.
    Zijn raad doordringt de tijd, blijft gaande,
    reikt verder, naar elk nieuw geslacht.
    Want het volk, verkoren,
    dat bij Hem mag horen,
    vindt geluk en heil.
    Wie niet bij het lot leeft,
    maar de Heer' als God heeft,
    heeft het beste deel.
  • 6.
    God kijkt de mensen in hun harten
    vanuit Zijn ondoorzichtig licht,
    Hij ziet hun daden, de gedachten
    die schuilen achter elk gezicht.
    Hij hoort alle dingen,
    van ons stervelingen,
    in Zijn hoog domein.
    Alles slaat Hij gade,
    kijkt naar ieders daden,
    Hij weet wie wij zijn.
  • 7.
    Een koning kan de strijd niet winnen,
    vertrouwend op zijn legermacht.
    Een sterke held kan niets beginnen,
    wanneer hij steunt op eigen kracht.
    Legers, ruiters, paarden,
    zijn van weinig waarde.
    IJver, wijsheid, moed
    kunnen, hoe wij streven,
    ons geen uitkomst geven,
    als niet God dat doet.
  • 8.
    Zijn liefdevolle blik beschermt hen
    die op Hem hopen in gevaar.
    Hij zal Zich over hen ontfermen,
    Hij is het die hun leven spaart.
    Wie Hem vreest, zal weten:
    Hij geeft brood te eten,
    zelfs in hongersnood;
    mensen zonder krachten,
    die Zijn heil verwachten,
    redt Hij van de dood.
  • 9.
    Wij blijven uitzien, vol verlangen,
    want God is onze hulp, ons schild.
    Bij Hem is rust, in Hem ontvangen
    wij vreugde, die ons hart vervult,
    als wij op Hem bouwen,
    op Zijn naam vertrouwen.
    Wees ons, Heer', nabij,
    red ons van het kwade,
    schenk ons Uw genade.
    Op U hopen wij.

Berijming 1773

  • 1.
    Zingt vrolijk, heft de stem naar boven,
    Rechtvaardigen, verheft den Heer'.
    Het past oprechten, God te loven;
    Zingt Zijnen groten naam ter eer.
    Prijst Hem in uw psalmen,
    Met de schoonste galmen;
    Roept Zijn weldaan uit;
    Laat de keel zich paren
    Met den klank der snaren;
    Looft Hem met de luit.
  • 2.
    Roemt nu met nieuwe lofgezangen
    De nieuwe blijken van Zijn gunst;
    Het speeltuig moet dien toon vervangen;
    Heft vrolijk aan, wijdt Hem uw kunst.
    Alles moet Hem eren;
    Want het woord des Heeren,
    't Richtsnoer Zijner daân,
    Is volmaakt rechtvaardig,
    Al onz' achting waardig;
    Eeuwig zal 't bestaan.
  • 3.
    Hij schept in 't heilig recht behagen;
    Zijn wijsheid is alom verspreid;
    Men hoort al 't wereldrond gewagen
    Van Zijne goedertierenheid.
    's Heeren alvermogen
    Bracht de hemelbogen
    Door Zijn woord in 't licht;
    Heeft de flonkervuren,
    Die den tijd verduren,
    Door Zijn Geest gesticht.
  • 4.
    Hij doet de grote waat'ren zwellen,
    Te zaâm vergaad'ren tot een hoop,
    En naar den diepen afgrond snellen,
    Daar zij beperkt zijn in hun loop.
    Laat al d' aard' Hem vrezen,
    Die, als 't Opperwezen,
    't Al heeft voortgebracht;
    Laat de wereld schrikken;
    Laat z' all' ogenblikken
    Sidd'ren voor Zijn macht.
  • 5.
    Geen ding geschiedt er ooit gewisser,
    Dan 't hoog bevel van 's Heeren mond:
    Zijn Godd'lijk' almacht spreekt, en 't is er,
    Zijn wil gebiedt, en 't wordt terstond.
    Schoon de heid'nen samen
    List op list beramen,
    God verbreekt hun raad;
    Schoon de mogendheden
    Snood ontwerpen smeden,
    Hij belacht haar haat.
  • 6.
    Maar d' altoos wijze raad des Heeren
    Houdt eeuwig stand, heeft altoos kracht;
    Niets kan Zijn hoog besluit ooit keren;
    't Blijft van geslachte tot geslacht.
    Zalig moet men noemen,
    Die hun Maker roemen
    Als hun Heer' en God;
    't Volk, door Hem tevoren
    Gunstig uitverkoren
    Tot Zijn erv' en lot.
  • 7.
    De grote Schepper aller dingen
    Ziet, uit het ongenaakbaar licht,
    Het gans gedrag der stervelingen;
    Niets is bedekt voor Zijn gezicht.
    Uit Zijn vaste woning,
    Waar Hij heerst als Koning,
    Waar Zijn lof, Zijn eer,
    Klinkt door al de bogen,
    Zien Zijn Godd'lijk' ogen
    Op al 't mensdom neer.
  • 8.
    t Is God, aan tijd noch plaats verbonden,
    Wiens toezicht over alles gaat;
    Die't harte vormt en kan doorgronden;
    Die aller werken gadeslaat.
    Schilden, bogen, dolken,
    Dappre oorlogsvolken,
    Wijsheid, moed noch kracht,
    Kunnen ooit in 't strijden,
    Enig vorst bevrijden,
    Zonder 's HEEREN macht.
  • 9.
    Het briesend paard moet eind'lijk sneven,
    Hoe snel het draav' in 't oorlogsveld;
    't Kan niemand d' overwinning geven;
    Zijn grote sterkte baat geen held.
    Neen, de Heer' der heren
    Doet ons triumferen;
    Hij, geducht in macht,
    Slaat elk gunstig gade,
    Die op Zijn genade
    In benauwdheid wacht.
  • 10.
    Zijn machtig' arm beschermt de vromen,
    En redt hun zielen van den dood;
    Hij zal hen nimmer om doen komen
    In duren tijd en hongersnood.
    In de grootste smarten
    Blijven onze harten
    In den Heer' gerust;
    'k Zal Hem nooit vergeten,
    Hem mijn Helper heten,
    Al mijn hoop en lust.
  • 11.
    Laat ons alom Zijn lof ontvouwen:
    In Hem verblijdt zich ons gemoed,
    Omdat wij op Zijn naam vertrouwen,
    Dien Naam, zo heilig, groot en goed.
    Goedertieren Vader,
    Milde zegenader,
    Stel Uw vriend'lijk hart,
    Op Wiens gunst wij hopen,
    Eeuwig voor ons open;
    Weer steeds alle smart.

Berijming 1773

  • 1.
    Zingt vrolijk, heft de stem naar boven,
    Rechtvaardigen, verheft den Heer'.
    Het past oprechten, God te loven;
    Zingt Zijnen groten naam ter eer.
    Prijst Hem in uw psalmen,
    Met de schoonste galmen;
    Roept Zijn weldaan uit;
    Laat de keel zich paren
    Met den klank der snaren;
    Looft Hem met de luit.
  • 2.
    Roemt nu met nieuwe lofgezangen
    De nieuwe blijken van Zijn gunst;
    Het speeltuig moet dien toon vervangen;
    Heft vrolijk aan, wijdt Hem uw kunst.
    Alles moet Hem eren;
    Want het woord des Heeren,
    't Richtsnoer Zijner daân,
    Is volmaakt rechtvaardig,
    Al onz' achting waardig;
    Eeuwig zal 't bestaan.
  • 3.
    Hij schept in 't heilig recht behagen;
    Zijn wijsheid is alom verspreid;
    Men hoort al 't wereldrond gewagen
    Van Zijne goedertierenheid.
    's Heeren alvermogen
    Bracht de hemelbogen
    Door Zijn woord in 't licht;
    Heeft de flonkervuren,
    Die den tijd verduren,
    Door Zijn Geest gesticht.
  • 4.
    Hij doet de grote waat'ren zwellen,
    Te zaâm vergaad'ren tot een hoop,
    En naar den diepen afgrond snellen,
    Daar zij beperkt zijn in hun loop.
    Laat al d' aard' Hem vrezen,
    Die, als 't Opperwezen,
    't Al heeft voortgebracht;
    Laat de wereld schrikken;
    Laat z' all' ogenblikken
    Sidd'ren voor Zijn macht.
  • 5.
    Geen ding geschiedt er ooit gewisser,
    Dan 't hoog bevel van 's Heeren mond:
    Zijn Godd'lijk' almacht spreekt, en 't is er,
    Zijn wil gebiedt, en 't wordt terstond.
    Schoon de heid'nen samen
    List op list beramen,
    God verbreekt hun raad;
    Schoon de mogendheden
    Snood ontwerpen smeden,
    Hij belacht haar haat.
  • 6.
    Maar d' altoos wijze raad des Heeren
    Houdt eeuwig stand, heeft altoos kracht;
    Niets kan Zijn hoog besluit ooit keren;
    't Blijft van geslachte tot geslacht.
    Zalig moet men noemen,
    Die hun Maker roemen
    Als hun Heer' en God;
    't Volk, door Hem tevoren
    Gunstig uitverkoren
    Tot Zijn erv' en lot.
  • 7.
    De grote Schepper aller dingen
    Ziet, uit het ongenaakbaar licht,
    Het gans gedrag der stervelingen;
    Niets is bedekt voor Zijn gezicht.
    Uit Zijn vaste woning,
    Waar Hij heerst als Koning,
    Waar Zijn lof, Zijn eer,
    Klinkt door al de bogen,
    Zien Zijn Godd'lijk' ogen
    Op al 't mensdom neer.
  • 8.
    t Is God, aan tijd noch plaats verbonden,
    Wiens toezicht over alles gaat;
    Die't harte vormt en kan doorgronden;
    Die aller werken gadeslaat.
    Schilden, bogen, dolken,
    Dappre oorlogsvolken,
    Wijsheid, moed noch kracht,
    Kunnen ooit in 't strijden,
    Enig vorst bevrijden,
    Zonder 's HEEREN macht.
  • 9.
    Het briesend paard moet eind'lijk sneven,
    Hoe snel het draav' in 't oorlogsveld;
    't Kan niemand d' overwinning geven;
    Zijn grote sterkte baat geen held.
    Neen, de Heer' der heren
    Doet ons triumferen;
    Hij, geducht in macht,
    Slaat elk gunstig gade,
    Die op Zijn genade
    In benauwdheid wacht.
  • 10.
    Zijn machtig' arm beschermt de vromen,
    En redt hun zielen van den dood;
    Hij zal hen nimmer om doen komen
    In duren tijd en hongersnood.
    In de grootste smarten
    Blijven onze harten
    In den Heer' gerust;
    'k Zal Hem nooit vergeten,
    Hem mijn Helper heten,
    Al mijn hoop en lust.
  • 11.
    Laat ons alom Zijn lof ontvouwen:
    In Hem verblijdt zich ons gemoed,
    Omdat wij op Zijn naam vertrouwen,
    Dien Naam, zo heilig, groot en goed.
    Goedertieren Vader,
    Milde zegenader,
    Stel Uw vriend'lijk hart,
    Op Wiens gunst wij hopen,
    Eeuwig voor ons open;
    Weer steeds alle smart.

Psalm 33: 'Een vrolijk loflied op God Die alles ziet'

De onbekende dichter van Psalm 33 zet zijn loflied in met een hartelijke oproep om vrolijk voor de Heere te zingen en daarbij muziekinstrumenten te gebruiken. Hij is helemaal vol van God en van Zijn goedheid. Hij schetst wat hoogtepunten uit de geschiedenis van Israël om dan uit te komen bij de raad van God en bij het geluk als je bij het volk van God hoort. De Heere ziet vanuit de hemel iedereen en leidt ieders leven. Aan het slot van zijn lied vult hij verder in hoe gelukkig je bent als je bij het volk van God hoort. Je leeft onder Zijn liefdevolle ogen, Hij helpt en beschermt je en dat leidt weer tot grote blijdschap in je leven. Dit indrukwekkende loflied eindigt met een gebed om voortdurend te mogen delen in Gods goedertierenheid.

Als we deze psalm als een lied vol beloften lezen, staat er veel moois in. God belooft hier dat Hij ook naar óns wil omzien, ons wil helpen en beschermen. Wat hier over Zijn volk gezegd wordt, werkt Hij door Zijn Geest in hun harten. Wie eenmaal iets van Gods goedertierenheid geproefd heeft, neemt het gebed van de dichter in het laatste vers van zijn loflied graag over. Jij ook?

Uitvoeringen Psalm 33

Psalm 33 - Zingen uit de Bron

Psalm 33 - Zingen uit de Bron

Thematische verdieping

Bijdragen

Laat een nieuwe generatie zingen

Met jouw financiële steun ontwikkelen we over een periode van meerdere jaren 150 psalmen in klassiek-eigentijdse taal en publiceren we geestelijke liederen waarin het Evangelie van Jezus Christus centraal staat.

Doneer